Cash is King
En de Oscar voor Beste Acteur gaat naar… Cash Berzolla! Laten we eerlijk zijn: hij, filmmaker Slater Neborsky en cameraman Robin ‘Gumby’ Moulang leverden misschien wel de beste wingfoilclip van het afgelopen jaar af. We spraken Cash over zijn missie naar Jeffreys Bay in Zuid-Afrika – en kregen een uniek kijkje achter de schermen van dit bijzondere project.

Toen zijn sponsor Armstrong Foils met het idee kwam om als eerste wingfoiler de iconische golf van J-Bay te temmen, hoefde Cash Berzolla (19) niet lang na te denken. Samen met Gumby – surfer en watercameraman uit Cape St. Francis – begon hij aan een kleine maar gerichte missie: de eerste keer wingfoilen op Jeffreys Bay vastleggen op beeld.
Aangezien Cash op Maui woont was de reis alles behalve eenvoudig. ‘Ik was nog nooit in Zuid-Afrika geweest,’ vertelt hij als we hem spreken via FaceTime. ‘Vanuit Maui reis je letterlijk de halve wereld rond en dan nog een stuk naar het zuiden – ik was uiteindelijk meer dan 50 uur onderweg.’
Het is bijna een wonder dat jullie zulke goede omstandigheden scoorden, zeker als je bedenkt hoe lastig het te voorspellen is of de golven en de wind goed zullen zijn – zeker met die 50 uur reistijd.
‘Eigenlijk wel ja. We hadden een time window van vier tot vijf weken om de juiste swell te treffen. We bleven het vertrek uitstellen, omdat er ofwel te weinig wind was, of de golven te klein waren. Uiteindelijk kwam er een goede voorspelling aan en besloten we het erop te wagen. In eerste instantie dachten we dat we gewoon een paar toffe opnamen zouden maken, maar de voorspelling werd steeds beter en uiteindelijk werd het een echte droomtrip.’

De golf bij Jeffreys Bay staat centraal in de clip, maar er zijn ook andere spots te zien, waar was dat?
‘We waren vooral op twee spots: Jeffreys Bay en verderop langs de kust, in de buurt van Cape St. Francis, waar Gumby woont. In Jeffreys Bay zelf hebben we op twee plekken gefilmd: Super Tubes – de wereldberoemde righthander – en Magnus, een andere spot die vooral populair is bij windsurfers. Een paar opnames met dezelfde kleur water als in Jeffreys Bay zijn van Magnus.
‘De eerste dag was het erg druk op J-Bay, dus gingen we naar Magnus. Het waaide stevig en we hebben daar best goed materiaal kunnen opnemen. De golf was snel en eindigde in een flinke closeout. De sessie was niet lang en kostte ook meteen een wing, maar we hadden in elk geval de eerste shots binnen.’
Als ik de clip zie heb je je zeker niet ingehouden. Heb je nog meer spullen gesloopt?
‘Het viel uiteindelijk mee. In totaal heb ik in die tien dagen twee wings beschadigd. Niet slecht, zeker als je bedenkt in wat voor golven ik zat.’
Had je de wings aan een leash, of voer je op de grote dagen zonder?
‘Ja, elke sessie, zowel aan mijn board als aan mijn wing. Armstrong heeft een goed systeem voor heup-leashes met een quick release, dat gaf me de zekerheid dat ik altijd zou kunnen bailen als het nodig was.’

Over veiligheid gesproken: hadden jullie een veiligheidsteam bij jullie, of hoe hebben jullie dat geregeld?
‘Er werd zeker goed in de gaten gehouden terwijl ik in het water was. We hadden een goed veiligheidsteam en onze cameramensen waren altijd klaar om zo nodig het water in te springen. Op sommige plekken hadden we zelfs een jetski bij ons.’
Hoe ben je op de grote dagen in Jeffreys Bay het water ingegaan? Je hebt daar eerder te maken met rotsachtige riffen dan met zandstranden, toch?
‘Ja, dat maakte het niet makkelijk. We zijn ongeveer twee kilometer upwind naar een beachbreak gereden die wat veiliger was. Met twee meter nog steeds geen kleine golven, maar tenminste wel brekend op zand. Vanaf daar kon ik me naar buiten vechten om vervolgens naar Jeffreys Bay te gaan.’
Was er veel stroming in het water?
‘Ja, dat is bij alle pointbreaks zo – al het water wordt langs het rif gekanaliseerd. Als je in de golf valt, sleept de stroming je direct langs de point naar beneden. Het is dus heel belangrijk om zo snel mogelijk weer op te staan als je valt.’

Hoe kwam je er na je sessie weer uit? Ging je in Jeffreys Bay weer aan land, of keerde je terug naar de beachbreak waar je begonnen was?
‘Er waren een paar momenten waarop het spannend werd en ik bijna op de rotsen lag, maar ik had geluk en kon uiteindelijk terugkruisen naar de beachbreak. Natuurlijk wilde ik tijdens deze trip het beste uit mezelf halen voor de camera, dus ik heb ook best wel wat golven om mijn oren gekregen. Er waren een paar momenten dat het echt even spannend was. De eerste dag bijvoorbeeld, toen ik bij Magnus in Jeffreys Bay buiten was, kwam ik met controle bij de rotsen aan, maar helaas niet zo gecontroleerd als ik had gewild haha. Ik kwam binnen op de foil, sprong eraf en werd vervolgens genadeloos gespoeld! Maar gelukkig lag ik toen ook meteen op het strand.’
Over geluk gesproken: we zien een aantal hele dikke aerials en monster closeouts. Hoe ben je daar weer uitgekomen?
‘Snel weer op het board komen en de wing pakken! Ik had een paar keer echt geluk. Na een van die grote sets kreeg ik een windvlaag van 30 knopen en kon ik snel weer rechtop komen. Op de foil zijn is alles – dan kun je jezelf meestal wel uit de problemen manoeuvreren.’
Heb je nog momenten gehad dat je hem echt even kneep?
‘Er waren niet veel momenten waarop ik me echt ongemakkelijk voelde. Het spannendste was eigenlijk het wachten tot alle surfers de line-up hadden verlaten. Het was natuurlijk ons idee om als eerste met een wing te foilen in Jeffreys Bay. Maar tegelijk dacht ik: je moet echt zeker weten dat er niemand in het water is en dat je respectvol omgaat met deze wereldberoemde surfspot. Dat was waarschijnlijk het meest zenuwslopende moment – ik zat vier of vijf uur op het strand te wachten terwijl er dertig man in het water lagen, in de hoop op misschien één uurtje waarin de line-up leeg zou zijn. Dat was voor mij het spannendste moment – gewoon aan land.’

Hoe kwam het dat je de spot uiteindelijk voor jou alleen had?
‘De wind speelde zeker een rol, maar op een gegeven moment was de swell zó groot dat de surfers wel op de juiste take-off spot zaten, maar door sommige sets gewoon werden weggespoeld. Daarna hadden ze grote moeite om weer terug naar buiten te peddelen. Dat was mijn kans.’
Hoe reageerden de surfers toen ze je met je foil zagen?
‘Ik denk dat de meeste mensen uit de surfcommunity best enthousiast waren. Natuurlijk zijn er altijd een paar die het niks vinden, maar dat hoort erbij. Over het algemeen waren de reacties positief. Er waren ook best veel mensen vanaf de boulevard aan het kijken en er werden veel filmpjes gemaakt met telefoons.
‘Voor ons ging het er vooral om zo respectvol mogelijk te zijn. Je moet nooit tussen surfers met een wing of foil varen, ongeacht hoeveel mensen er op het water zijn. Uiteindelijk hadden we veel geluk dat er geen surfers waren op de dagen dat het voor ons echt goed was.’


Wat was de beste dag met foilen? Was het die grote dag in Jeffreys Bay of eerder de dagen met de dikke aerials in St. Francis?
‘Ja, ik denk dat de beste dag in Cape St. Francis was, bij de ‘Slab’. Gewoon omdat ik zoiets nog nooit had gedaan. Toen ik na afloop de beelden zag van Slater en Gumby wist ik niet wat ik zag. Ik herinner me dat we bij Gumby thuis zaten en Slater een paar video’s liet zien, en we helemaal uit ons dak gingen. ‘Dit is crazy, insane!’ Zoiets had ik nog nooit meegemaakt. Ik was ontzettend blij. Dat moment zal me het meest bijblijven, en dat was vrij vroeg op de trip, dus het begon echt goed.’
Wat vond je van Zuid-Afrika? Heb je in de tien dagen dat je er was ook nog wat meegekregen van het land zelf?
‘Jazeker, ook los van de golven en wind is Zuid-Afrika een fantastische plek. Het eten is top en de mensen zijn ontzettend gastvrij. De surfcultuur is echt crazy. Daarnaast is het landschap iets wat ik nog nooit zo heb meegemaakt, en dat terwijl er op Hawaï ook magische plekken zijn waar de natuur je de adem ontneemt. Maar de dieren en landschappen in Zuid-Afrika zijn uniek. Het is ongelooflijk om te zien hoeveel dieren er in het water en op het land te vinden zijn. Op de dagen zonder wind of golven hadden we genoeg tijd om rond te rijden en op avontuur te gaan. Ik zag voor het eerst in mijn leven olifanten en zebra’s, dat was echt te gek.’

Over dieren gesproken… heb je nog haaien gezien?
‘Ik heb er eentje gezien, en we hebben een keer snel onze cameraman uit het water gehaald, maar dat was het ook wel. Er zijn veel walvissen en vogels die in het water duiken, en veel vissen – dus waarschijnlijk ook de nodige haaien.’
Je lijkt niet echt onder de indruk.
‘Ach, ik denk dat er overal haaien zijn zodra je de zee ingaat. Het is hún thuis, en dat moet je respecteren. Je moet begrijpen dat jij te gast bent in hun omgeving en je daar ook naar gedragen. Het was dus niet eng of zo. In Hawaï weet je ook dat ze er zitten, maar ik hou me er verder niet echt mee bezig.’
Nog even terug naar het film: hoe ging je om met de druk? Als je een fout had gemaakt of geblesseerd was geraakt, was het hele project mislukt – jij was tenslotte de enige die daar aan het foilen was.
‘Klopt. Maar ik probeer in zulke situaties niet te veel na te denken. Ik zie het gewoon als een normale sessie met vrienden thuis – dat haalt de druk eraf. De meeste druk op het water voel ik eigenlijk tijdens wedstrijden. Als ik in een ander land ben, op een prachtige plek, dan valt dat allemaal wel mee. Over het algemeen heb ik gewoon plezier. En als ik plezier heb, weet ik dat ik automatisch mijn best doe. Als ik die mindset vasthoud, weet ik zeker dat het een toffe video wordt. Dus nee, het voelde niet als te veel druk.’

Je hebt ook in de monstergolven van Jaws op Maui gevaren. Hoe was die sessie vergeleken met Jeffreys Bay?
‘Beide golven zijn ongelooflijk snel; je moet constant vol gas gaan om met de energie van de golven mee te komen. Dat is wat beide sessies gemeen hadden – die snelheid tijdens het afdalen van de golf. Jeffreys Bay was behoorlijk groot, maar bij Jaws zijn de golven nog even een maatje groter. Aan de andere kant is er bij Jaws wel een mooie channel. Als je die goed gebruikt, is het foilen daar eigenlijk iets makkelijker.
‘Bovendien zijn er op de grote dagen in Jaws ook altijd mensen met jetski’s aanwezig die precies weten wat ze moeten doen om je uit de gevarenzone te halen. Wat dat betreft vond ik Jeffreys Bay eerlijk gezegd iets enger. In Jaws loop je natuurlijk het risico dat je lang onder water wordt gehouden of op de rotsen belandt. Maar ik ken de mensen daar al mijn hele leven en heb er volledig vertrouwen in dat ze me uit de brand helpen als dit nodig is.
‘Zuid-Afrika was een stuk verder van huis, en die grote dag op Jeffreys Bay was zeker een beetje spooky. En dan komt er nog bij dat de golf daar extreem lang is – hij bouwt zich telkens opnieuw steil op vlak voor je. Vergeleken daarmee is Jaws weliswaar een hele grote, maar relatief korte adrenalinekick.’
De lengte van de golven in Jeffreys Bay zal een aanslag op je benen zijn geweest. Kwam je van het water met trillende benen?
‘Ja, absoluut – aan het einde van de golf voelde het soms wat shaky. Maar tijdens het golfrijden zelf zat ik zo vol adrenaline dat ik er eigenlijk weinig van merkte.’
Had je nog iets bij je om je snelheid te meten?
‘Ik had helaas geen horloge om, maar we hadden wel een drone die de golf filmde, en die leverde wat interessante statistieken op. We kwamen tot de conclusie dat ik waarschijnlijk zo’n 50 tot 60 kilometer per uur haalde en ongeveer twee kilometer lang op de golf stond.’

Dit soort pionierssessies doen denken aan Jason Polakow, die als eerste met zijn windsurfset iconische golven surfte. Zie je jezelf een vergelijkbare serie maken met wingfoilen?
‘Jason is al mijn hele leven een grote inspiratie voor me. Hij woont ook op Maui en komt nog steeds in actie als het écht groot is. Het is cool om een beetje in zijn voetsporen te treden. Dus ja, we zullen zien wat zich aandient – als er een kans komt, ben ik er zeker bij voor een nieuwe missie.’
Gear check
‘Ik heb vooral gevaren met een 625 MA frontwing, ook op de grote dagen. Misschien had ik iets kleiner kunnen gaan – het waaide flink en de golven waren echt groot – maar dit is de foil die ik thuis het meest gebruik. Ik ben er dus helemaal vertrouwd mee en voelde me er super comfortabel op.
Mijn set-up: een 60 cm fuselage, de 795 performance-mast en een Speed 180 stabilizer. Als board gebruikte ik de Wing FG 40, met op de winderige dagen een 2,6 m² XPS. Een lekkere combi!’
Wil je meer van dit soort artikelen lezen en altijd up-to-date blijven? Abonneer je dan op WINGFOIL magazine! Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws rondom wingfoilen? Volg ons op Instagram en Facebook. Ontdek hier meer interessante blogs vol inspiratie en tips! Of koop hier je losse editie!