30-10-2025 - Mountainbiken, Leesvoer

Een stukje Oostenrijk op Italiaanse bodem  

Je weet dat je op een bijzondere plek bent aangekomen als je bij de grens nog steeds niet weet in welk land je eigenlijk bent. Zuid-Tirol – of Südtirol zoals een groot deel van de bevolking het hier nog steeds liever noemt – is zo’n plek waar de geschiedenis door het landschap kronkelt. Technisch gezien zit je in Italië, maar alles om je heen schreeuwt Oostenrijk. Van de houten chalets tot de kerkjes, van de lederhosen tot de apfelstrudel, hier is de tijd blijven stilstaan bij 1919, toen deze streek als een beloning aan Italië werd geschonken na de Eerste Wereldoorlog. 

Het resultaat? Een unieke mix waar je ‘s ochtends cappuccino drinkt in een Tiroolse gasthof en ‘s avonds prosecco op een terras tussen de wijngaarden. Perfect voor mountainbikers die van diversiteit houden, zowel cultureel als qua trails. 

Ons thuishonk voor dit weekend is Hotel Jonathan in Naz-Sciaves, een familiehotel waar je direct voelt dat hier mensen wonen die begrijpen wat wij mountainbikers nodig hebben. Geen fancy lobby maar wel een combinatie van modern comfort en authentieke bergsfeer. De kamers ademen die warme houten Tiroolse sfeer, maar dan in een strak jasje. Met oog voor detail. Een afgesloten fietsenstalling, oplaadpunten voor e-bikes, gereedschap en de mogelijkheid een lunchpakket mee te nemen de berg op. O, en een binnen- en buitenzwembad plus sauna voor een passend herstel na een dag vol trails. Het mooiste van Hotel Jonathan is echter de persoonlijke touch. Denk aan de eigenaar die tijdens het diner even komt vragen hoe je dag was en zoon Tobias die niet alleen gids is, maar ook gewoon een bike-nerd die zijn kennis van het gebied graag deelt. 

Nadat we onze bikes hebben geparkeerd besluiten we een rondje te wandelen door het dorpje, dat omringd wordt door appelvelden en druiven. Na tien meter komen we andere vakantiegangers tegen, type jaren tachtig hardrocker, die ons vriendelijk met servus toeknikken. Bijzonder, denken we nog, wat doen ‘zulke types’ in zo’n afgezonderd dorpje waar wandelen in de natuur de grootste trekpleister lijkt. Binnen slechts tien minuten komen we hele hordes hardrockers tegen, die zowel wandelend door het dorp en de velden zwerven als luidruchtig op het terras met pullen bier proosten. Misschien een motorclub-uitje, vragen we ons af. Bij het avondeten krijgen we antwoord, het Alpenflair-festival vindt hier sinds 2012 plaats. Voor wie het niet kent (zoals wij), dit is een rockfestival dat zo’n 40.000 bezoekers trekt en hiermee het grootste muziekfestival in Noord-Italië is. Tussen de appels. En weides. 

Op pad met Tobias  

De zoon van de eigenaar van het hotel, Tobias, neemt ons de dag erop mee op sleeptouw. Hoewel er genoeg routes online te vinden zijn, is een gids op de eerste dag wel zo prettig. En dat blijkt al direct tijdens de eerste kilometers op de fiets, waar hij continu toffe afsnijpaadjes weet te vinden op de weg naar de gondel nabij Brixen. Door eindeloze appelvelden, Zuid-Tirol produceert jaarlijks ongeveer tien procent van alle Europese appels, slingerden we omhoog. Op het ene moment rijden we langs de appelvelden, dan weer te midden van druiven, vervolgens op bredere gravelpaden, om daarna af te dalen over smalle en technische trails. Het zijn allemaal kortere segmenten, maar doordat we niet bij elke afslag op onze gps hoeven te kijken, krijgt het geheel een mooie flow. Na Brixen is het nog een stuk klimmen naar de lift die ons de Plose, de lokale berg, op brengt. Wanneer je in het hotel verblijft ontvang je een pasje waarmee je eenmaal per dag met de gondel omhoog mag, dus we hoeven voor het plan van vandaag geen liftpas te kopen. 

Van NAVO-post naar natuurtrail 

Eenmaal boven volgen we een gravelpad naar de top, waar een oude NAVO-post uit de Koude Oorlog als stille getuige van turbulentere tijden fungeert. Het uitzicht vanaf hier over Naz en de hele vallei is prachtig en geeft ons een goed idee waar we net gereden hebben… en nog gaan rijden. De afdaling terug naar het topstation is een mix van wandelpad en hoog alpine trail. Deels goed rijdbaar, deels technisch uitdagend met rotspartijen die je even doen nadenken over je lijnkeuze en deels stukken die je gewoon loopt. We besluiten te lunchen met, jawel, een Wiener schnitzel in Italië. Het vermaak is dichtbij: zoals veel toeristische plekken heeft ook de Plose grote letters op de berg staan, echter hebben ze in de letter O een constructie gemaakt waarmee je op een fiets een looping kan ‘maken’. Hoewel veilig, tenminste dat nemen we aan, lijken de instructies niet altijd even duidelijk. Het ziet er in elk geval vrij spectaculair uit. 

Wanneer de schnitzel zijn plek gevonden heeft is het tijd om terug te keren naar het hotel via de Skyway en Rockway, twee aaneen geluste rode bikeparktrails die weer naar de voet van de gondel voeren. De trail heeft een rood-zwart karakter met een vrij grove ondergrond en deels steile secties, anderzijds kan het met voldoende skills, lijnkeuze en snelheid als een flowy baan worden gezien. 

Beide routes combineren bijna 900 meter afdalen over een kleine vijf kilometer, dus het is hard werken. Gelukkig ‘hoeven’ we vandaag maar eenmaal en volgen we Tobias, die vanaf het dalstation direct weer sluipweggetjes weet. We wisselen trails en gravelpaden af met af en toe wat asfalt, maar hij doet duidelijk zijn best om zoveel mogelijk over onverhard terrein te rijden, met als afsluiter nog een leuke trail bezaaid met wortels en stenen voor we terugkeren tussen de appels. Met het laatste restje energie kruipen we de weg omhoog richting het hotel, om daar direct het zwembad in te duiken. 

Na het eten worden we nog getrakteerd op de lokale lichtshow van natuurlijke oorsprong. Het onweer dat die avond losbreekt is van het type dat je doet beseffen hoe klein je bent ten opzichte van de elementen. Het soort onweer dat je vanuit je hotelraam respectvol gadeslaat terwijl je dankbaar bent voor dikke muren en een goed dak, dat af en toe trilt na de inslag. 

Brixen Bikepark 

De volgende dag hebben we het Brixen Bikepark op het programma staan. We starten de dag met een zelfgezochte route, echter blijkt die voor het grootste gedeelte afgesloten te zijn voor fietsers, iets waar we helaas pas na de klim achterkomen (zie brixen.org voor de geopende routes). Gelukkig kunnen we het onderste deel wel rijden en is ook de klim niet onaangenaam, over gravelpaden met fraaie uitzichten. 

Het Brixen Bikepark heeft twee zijdes, aan de ene kant de grote gondel met de Skyway- en de Rockway-trail en aan de andere kant een schattige tweepersoonslift die toegang biedt tot een groene, blauwe en rode trail. We starten met de Jerry-trail, een groene baan geschikt voor beginnende rijders. Hier kan echt iedereen terecht, brede paden met glooiingen erin en geen verrassingen. Doordat er geen jumps in liggen die voor de betere rijders interessant kunnen zijn, zal het ook lekker rustig blijven op deze baan. De blauwe trail biedt ons meer vertier met jumps, kombochten en uitdagendere secties. De trail blijft ‘bikepark-smooth’ met een goede flow, hier geen technische secties met wortels. Onderin liggen trouwens nog behoorlijke jumps die vragen om flink wat pop van de rijder. Erg leuk als je de skills in huis hebt, maar links en rechts van de lijnen kun je er altijd rollend omheen. De Palm-lijn is de rode trail, die voornamelijk technisch is en bezaaid ligt met drops, wortels en stenen. De trail is afwisselend steil en vlakker, maar blijkt van boven tot beneden hard werken. Leuk is trouwens dat de trails elkaar regelmatig kruisen, zo kan je zelf mixen en matchen om jouw favoriete stukken trail aan elkaar te lussen. Hoewel de banen niet extreem lang zijn kan je je, door ze te mixen met de Skyway en Rockway, hier echt wel twee dagen vermaken. 

Het belangrijkste inzicht van dag twee: in deze omgeving heb je een local nodig. Iemand die weet welke trails open zijn, welke net de moeite waard zijn, en welke je beter kunt overslaan. Gelukkig hadden we vandaag Tobias, maar voor toekomstige trips: investeer in een gids of sluit je aan bij een bikehotel dat deze kennis in huis heeft. 

Het landschap van Zuid-Tirol 

Wat Zuid-Tirol zo bijzonder maakt voor mountainbikers is de diversiteit van het landschap. Binnen één dag rijd je door appelvelden met hun geometrische perfectie (ongeveer 6.000 appelboeren bewerken hier hun gemiddeld drie hectare grote percelen), tussen wijngaarden waar enkele van Italië’s beste witte wijnen worden geproduceerd, door dennenbossen en langs alpine weiden waar het leven het ritme van de seizoenen volgt. 


Wil je meer van dit soort artikelen lezen en altijd up-to-date blijven? Abonneer je dan op UP/DOWN Mountainbike Magazine! Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws rondom mountainbiken? Volg ons op Instagram en Facebook. Ontdek hier meer interessante blogs vol inspiratie en tips! Daarnaast hebben we een productguide met meer dan 200 mountainbikes, waarbij je mountainbikes kunt vergelijken op basis van jouw criteria. Klik hier om een kijkje te nemen! Klik hier voor de Up/Down #4 2025!

 van