Het hart van de Dolomieten
Wij kennen ze niet. En we kennen ook niemand die ze kennen. Om eerlijk te zijn is het naar alle waarschijnlijkheid een mythe. Voor de duidelijkheid: het gaat over fietsers die níet hun hart hebben verloren aan de Dolomieten. Want de schoonheid van de natuur is hier zo overweldigend, dat het niet anders kan dan dat je er verliefd op wordt. Met elke trap een beetje meer.


De Dolomieten zijn al sinds jaar en dag een bestemming voor op de racefiets. De Sella Ronda, prachtige bergpassen zoals de Giau, de Valparola en Fedaia. Fraai klinkende Italiaanse namen voor nog mooiere stukken asfalt, tegen een achtergrond van goudgele rotspartijen die het landschap rond de Dolomieten zo kenmerkt. Maar vergis je niet, naast een relatief fijnmazig geasfalteerd wegennetwerk liggen er prachtige gravelwegen in dit gebied verscholen, waarmee je op plekken komt die je op de racefiets niet kan bereiken. Soms zijn het glooiende glamour gravelpaden langs helderblauwe rivieren, dan weer een rotsachtige klimmen met uitschieters tot twintig procent waar je alle zeilen bij moet zetten.
Een betere plek om de gravelpaden van de Dolomieten te verkennen kunnen we ons niet wensen. Sporthotel Exclusive in Al Plan di Mareo ligt in een mooie vallei die omringd lijkt door gravel. We komen op tijd aan, en dat geeft ons meteen al de gelegenheid om de doodlopende weg naar de Rifugio Pederù te verkennen. Of althans: de asfaltweg is doodlopend. Vlak buiten het dorpje Al Plan di Mareo start er reeds een prachtige brede gravelweg die parallel aan de asfaltweg langzaam omhoog slingert naar de rifugio. We koelen al even af in een prachtig helder bergstroompje, fietsen langs koeien en indrukwekkende rotswanden, en genieten van een groot glas cola en taart bij de rifugio. Vanaf hier blijken er een aantal onverharde bergpassen te lopen, waarvan er eentje een oude militaire weg is die in negen haarspelden een steile rotswand beklimt. Een korte inspectie op Komoot leert dat dit stuk gemiddeld richting de twintig procent gaat: no thanks. De andere optie is een ruig gravelpad dat steil is, maar berijdbaar. We rijden nog een half uur door omhoog, genieten van het bizarre maanlandschap hier, en duiken vervolgens omlaag, terug naar het hotel voor het avondeten.

De verkeerde kant
De volgende dag bestuderen we bij het ontbijt de route voor vandaag nog eens goed. Veel gravel. De slotklim baart ons wat zorgen, maar na alle kaarten te hebben bestudeerd zou het goed moeten komen, en we vragen Roman, de eigenaar van het hotel die zelf ook graag op de gravelbike zit, niet om advies.
De warmte komt al snel opzetten vandaag, als we over een smal niet onderhouden asfaltweggetje langs een bergrug kronkelen. Slecht asfalt wisselt af met goed gravel, en die paar procent dat het hier omlaag loopt maakt het een heerlijke flowy track voor de gravelbike. Eenmaal beneden volgen we lang een mooi gravelpad langs een rivier, waar we ook veel andere toeristen tegenkomen. Het blijkt deel uit te maken van een regionaal fietsroutenetwerk, en dat is niet zonder reden: het is hier prachtig. Groene weides, donkere bossen, een bij vlagen ruige rivier, en alles met op de achtergrond de herkenbare rotsmassieven van de Dolomieten. Langzaam begint het steeds meer omhoog lopen, en voor we het weten zijn we aan de voet van de welbekende Valparola aanbeland.

De asfaltweg omhoog is al een lange tijd gesloten, dus het komt ons goed uit dat de Valparola tevens via een mooi gravelpad te beklimmen is. Tien kilometer tot de top, de eerste lange klim van de dag. Ondanks het prachtige weer komen we het eerste deel slechts twee andere fietsers tegen, op de mountainbike. Deze draaien weer om bij de eerste slagboom, net voordat – denken wij – het mooie deel gaat beginnen. Maar al snel snappen we de andere fietsers. De percentages lopen op tot zestien procent en de ondergrond wisselt van grof gravel tot betonplaten op de meest steile stukken. Met de wetenschap dat de tweede en laatste klim van vandaag volgens Komoot zeer zwaar gaat zijn werken we de haarspeldbochten één voor één af. Na vijf kilometer bereiken we de asfaltweg, net ná de afsluiting. Dit betekent dat de rest van de klim autovrij is, we kunnen dus in alle rust omhoog peddelen en even bekomen van de afgelopen kilometers. Bovenop nemen we een bord pasta en een halve liter cola in de Rifugio Passo Valparola voordat we de afdaling inzetten naar de tweede helft van de route.
Via Cortina d’Ampezzo rijden we in een dalende lijn naar de tweede en laatste klim. Via een parkeerplaats rollen we tussen een paar rotsblokken door naar de gravelweg die ons omhoog brengt. Tot onze verbazing is de eerste kilometer nagenoeg vlak te noemen, en blijkt zelfs geasfalteerd. We rijden langs de Rio di Fanes, een gelijknamige rivier die de bergen uitkomt, langzaam omhoog de ‘Fanes’ op. Deze eerste paar minuten zijn al adembenemend. Her en der zien we wat wandelaars en mensen die aan het picknicken zijn aan de waterkant, prachtig! We steken het water over en het fijne gravel begint onder onze banden te knisperen. We zijn er nu echt aan begonnen!
Het eerste deel is steil, maar met onze lichte verzetjes blijkt het goed te doen. De ondergrond is ook goed te rijden en het is tot nu toe een mooi onderhouden gravelweg. We passeren een grote rotspartij waar zich door de eeuwen heen een enorme canyon heeft geformeerd en het water uit de watervallen klettert dan ook meters naar beneden. Een enorm indrukwekkend gezicht, waarvan we niet wisten dat dit te vinden was in deze omgeving. Wederom een bevestiging dat de Dolomieten beter te ontdekken zijn met de gravelbike. Na dit punt wordt de weg steiler en het gravel een stuk grover. Het lijkt erop dat het laatste toeristische uitkijkpunt is geweest en de meeste mensen niet verder gaan dan dit punt.

De betonplaten duiken weer op en dat betekent dus ook de steilere percentages. De nummers beginnen nu met een twee, wat betekent dat we weer onze hike-a-bike-modus aan kunnen gaan zetten. Een steile muur van boven de twintig procent is de voorbode van wat er de komende uren – ja, uren – zich zal voordoen. Toch is de omgeving waarin we rijden er een uit een sprookje. Rotsmassieven links en rechts met de stromende rivier in de verte.
Inmiddels zijn we al even onderweg, en met de huidige temperatuur raakt de watervoorraad snel op. Het duurt nog een paar honderd meter voordat we direct langs de rivier komen om onze bidons te vullen. Want ja, hier zijn geen kraantjes maar er is wel helder bergwater. Rotsblokken ter grootte van een koelkast liggen her en der over het pad verspreid en al zigzaggend rollen we naar het koele water. We vervolgen onze weg na een kleine break en mentale oppepper.
Een goeie twintig minuten later komen we op het eerste plateau aan. Een helderblauw bergmeer omgeven door bomen en bergen. Dit maakt het allemaal wel weer een beetje goed en we zijn eigenlijk de zware momenten op de fiets al bijna vergeten. Het is ‘nog maar’ twee kilometer tot de top maar de volgende muur staat ons geduldig op te wachten. Onderweg overdenken we meerdere malen onze keuze en slaat de kramp in de kuiten een aantal keer ongenadig toe. Want we moeten toegeven, omhoog lopen op fietsschoenen is toch een pittige bedoening. Hier besluiten we dat we dit nooit meer gaan doen. Al stellen we deze beslissing een kwartier later een beetje bij wanneer we aan het begin van de Rio di Fanes aanbeland zijn. Groene weides met kronkelende stroompjes water, uitzicht op de verder gelegen bergen en een licht oplopende gravelweg. Het begin van de rivier betekent dat we de top bijna bereikt hebben. Eén steil hupje nog naar de echte top waar we Lago di Limo vinden.

Op 2.200 meter hoogte, na negen kilometer klimmen in maar liefst drie uur, mogen we eindelijk zeggen dat het vanaf hier enkel nog bergaf is naar het hotel. Het was een dag om U tegen te zeggen, en we zullen het dan ook niet snel aanraden wanneer je niet van wandelen en een beetje avontuur houdt. Maar dat is uiteindelijk wel waar gravel een beetje om draait. De ongebaande paden opzoeken en misschien nog iets verder dan dat.
De afdaling gaat vlot en de zon verdwijnt stilletjes aan al achter de bergtoppen. Het diner lonkt en ons bed horen we al roepen. Wanneer we aanschuiven bij het diner kijkt Roman ons stomverbaasd aan als we vertellen over onze tocht: “You cannot ride your bike there, it’s impossible”. Wisten we dit vanochtend maar.


Gelato
Een nieuwe dag, nieuwe kansen. We hebben een route uitgetekend die wat meer asfalt heeft en geen schier onmogelijke klimmen, maar na overleg met Roman kiezen we voor een andere route; hij raadt ons aan om vanaf de top van de eerste klim een gravelweg te pakken naar de top van Crusc da Rit, waar we een prachtig uitzicht zouden hebben op het Fanes-rotsmassief.
Zo gezegd, zo gedaan, en met een route van nog geen vijftig kilometer lijkt het een eitje, zeker in vergelijking met gisteren. We beginnen aan de Col d’Ancona, waar we over een slechte asfaltweg de hele tijd boven de tien procent zitten. Dat klinkt zwaar, maar op een gravelbike is dat nog goed te doen, zeker op asfalt. Vlak voor de top bevindt zich een kort zeer steil stuk op gravel, waar de eerste hike-a-bike al een feit is. Daarna draaien we af richting Crusc da Rit. De ruim 400 hoogtemeters die ons nog resten zijn onregelmatig, we gaan steil omhoog, steil omlaag, nog steiler omhoog, terwijl we op links af en toe de Kronplatz zien, een ski- en mountainbikeoord bovenop een kale berg.

Eenmaal boven hijgen we eerst flink uit en drinken we wat; de temperaturen zijn ondertussen alweer tropisch en schaduw is er niet veel. We genieten van het uitzicht, ook al vinden we stiekem dat het een beetje tegenvalt. Had Roman dan geen gelijk? We zetten de afdaling in en het duurt niet lang voordat we in een open vallei komen, waar al snel blijkt dat Roman wel degelijk gelijk had: wat een uitzicht! Het Fanes-massief ligt daar groot voor ons, en als we opzij kijken zien we een schier oneindige reeks aan bergtoppen en rotsmassieven in de verte verdwijnen. We wanen ons even op de top van de wereld. Na een korte stop om ons water bij te vullen bij een rifugio dalen we verder, en voert de route ons door alpenweides die vol in bloei staan, met overal de donkergroene dennen en imposante rotsmassieven op de achtergrond. Als we bij een waterpunt bijvullen en koelen valt het pas op hoe rustig het hier is, puur omdat we op dat moment de enige andere gravelbikers van de dag tegenkomen. Op een handjevol wandelaars en mountainbikers na is hier niemand, eigenlijk onvoorstelbaar. Zeker omdat de gravelwegen hier in perfecte staat zijn.
Na een snelle afdaling op asfalt volgt nog een laatste klim. Het is geen gravel maar een oude provinciale weg, die (vrijwel) niet meer wordt onderhouden. Dat resulteert in slecht asfalt, gaten en stukken die zijn opgevuld met gravel. Hier ga je liever niet met de racefiets omhoog, laat staan naar beneden; wederom een reden waarom je in de Dolomieten misschien wel beter uit bent met je gravelbike. Er zitten namelijk best wat van dit soort oude wegen verstopt in dit gebied, en met dikke banden en een licht verzetje rij je hier simpelweg een stuk makkelijker overheen, zowel omhoog als omlaag.
Na een laatste afdaling het dorp in rest ons nog maar één ding dat we al die dagen nog niet hebben gehad: gelato. Goed Italiaans ijs met deze temperaturen, na een dag afzien en genieten? Misschien wel de beste combinatie ooit.

Materiaal en meer
Zoals gezegd leent deze regio zich bij uitstek voor het verkennen van de Dolomieten op de gravelbike. Er zijn genoeg opties om mooie rondjes te maken, al is het wel zaak om het juiste materiaal mee te nemen – je bent hier anders al snel aan het underbiken. Een bandbreedte van minimaal 45 millimeter is nodig, al ben je met 50 of breder nog beter uit. Wat profiel is ook fijn, en zorg ervoor dat je een goed licht verzet hebt; denk aan een voorblad van 40 of liefst nog kleiner, in combinatie met een mountainbikecassette. Gezien je hier nogal eens een stukje moet lopen met de fiets is het aan te raden niet je meest stijve schoenen mee te nemen, en dubbelcheck je route ook vooral goed; dan kom je misschien voor wat minder verrassingen te staan.
- San Vigilio Dolomites
- sanvigilio.com
- Hotels:
- Sporthotel Exclusive****
- sporthotel.exclusive.com
- Hotel Ostaria Posta***
- ostariaposta.com
- Hotel Innerhofer***
- hotel-innerhofer.com
- Excelsior Dolomites Life Resort****S
- myexcelsior.com
Wil je meer van dit soort artikelen lezen en altijd up-to-date blijven? Abonneer je dan op SOUL Cycling Magazine! Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws rondom wielrenfietsen? Volg ons op Instagram en Facebook. Ontdek hier meer interessante blogs vol inspiratie en tips! Wil je het gehele Soul Cycling Magazine #4 2025 bestellen klik hier!