Hoogvliegen in de Föhnstorm: Een Dag in de Ogen van 70 Knopen
Zo’n tien keer per jaar verandert het Zwitserse Urnersee van rustig bergmeer in een woeste speeltuin voor stormjagers. De oorzaak: de beruchte Föhnstorm – een warme valwind die met snelheden tot 130 kilometer per uur van de Alpen naar beneden raast. De 20-jarige Benjamin May uit München trok de grens over voor een dagje hoogvliegen.
Op jacht naar de storm
Normaal gesproken gaan surfers uit München bij Föhnvoorspellingen naar de Kochelsee, waar de wind ook stormachtig uithaalt. Maar dit keer staat Zwitserland op mijn stormchase-bucketlist. Ik wil iets nieuws proberen, en als er dan toch storm komt, dan maar gelijk goed!
De voorspelling voor 6 januari geeft bijna 15 hectopascal Föhndruk, wat windstoten van minstens 45 knopen op de Urnersee betekent. De avond ervoor heb ik nog even contact met locals Balz Müller en Michi Näf. Zij hadden de storm uiteraard allang in de smiezen en bereiden me alvast voor: ‘Deze Föhnstorm gaat geen zacht briesje worden, maar een echte beproeving! Breng je kleinste wing en foil mee en trek gelijk even een extra strakke wetsuit aan, want je ballen gaan letterlijk uit je pak waaien!’
We spreken af elkaar de volgende ochtend te treffen aan het water. Ik loop nog even mijn gear na (2,5 vierkante meter wing, check!) en zet de wekker om 6 uur.
Vroeg op pad
Het is nog donker als mijn alarm gaat. Ik wrijf de slaap uit mijn ogen en spring uit bed. Snel het voorbereide ontbijt to go mee grissen en gaan!
Het ‘Föhndiagramm’ laat een piek zien voor rond het middaguur, waarbij de wind meestal het sterkste is net voor en na de piek, wat me genoeg tijd zou moeten geven om sky high te gaan.
Alleen al de vier uur durende rit door de Alpen, langs de Bodensee en door adembenemende landschappen, is bij Föhnweer een avontuur op zich. Steeds weer wordt de auto geraakt door felle windvlagen. Sneeuwbedekte bergen rijzen op tot in de hemel, en de wilde, ruige natuur om me heen laat me diep wegzakken in mijn stoel.

130 kilometer per uur
De Urnersee is de zuidelijke poot van de Vierwoudstrekenmeer. Hier, tussen steile Alpentoppen, wordt de zuidenwind door smalle dalen geperst, waardoor hij met ongekende snelheid het laagland in schiet.
De Föhn is in de Alpen niet alleen bekend, maar ook berucht. Hij ontstaat wanneer vochtige lucht uit het Middellandse Zeegebied tegen de Alpen botst. Tijdens de stijging koelt die lucht af en daalt de luchtdruk, maar op weg naar beneden warmt hij weer op – ongeveer één graad Celsius per 100 hoogtemeters.
Het resultaat is een extreem droge wind die zelfs in de winter temperaturen tot 15 graden Celsius kan brengen. Vooral in smalle dalen versnelt de Föhnstorm nog extra en haalt hij soms snelheden tot wel 130 kilometer per uur. Met elke rukwind die mijn auto doet schudden, groeit mijn zin in de dag die voor me ligt.
Alles de lucht in
Nog één bocht te gaan en ik sla af naar de Urnersee. De volgende windvlaag drukt me bijna van de weg. Ik zie hoe het meer al helemaal in beroering is. In de verte dansen windhozen over het wateroppervlak en trekken schuim en spray met zich mee.
Aangekomen op de parkeerplaats in Isleten zie ik de eerste windsurfers en wingfoilers al bezig op het water. De wind blaast constant met 45 knopen, maar piekt regelmatig tot wel 65 knopen. Alles wat niet stevig vastzit, vliegt in het rond – zelfs kiezels en takken worden de lucht in geslingerd. Alleen al bij het kijken voel ik de adrenaline door mijn lijf gieren.
Hoewel een zakdoek waarschijnlijk ook zou voldoen, pomp ik mijn Unit SLS 2,5 op voor wat extra power om zo hoog mogelijk te kunnen komen. Onder mijn 65 liter boardje schroef ik een 84 centimeter mast en de 650 Carve 2.0 foil met 60 fuse.
Voordat ik het water in ga, check ik mijn materiaal drie keer. Mijn wing bevestig ik met een extra leash – better safe than sorry. Het blijkt geen overbodige luxe, want zodra ik op het water ben, wordt de wing meteen uit mijn handen gerukt door een keiharde vlaag. De kracht van de wind is enorm – zelfs in Pozo op Gran Canaria heb ik dit zelden meegemaakt.

Wilde dans met de wind
De windvlagen – en de windhozen die ze meebrengen – komen en gaan in seconden. Ze verschijnen plotseling, sleuren je mee en verdwijnen net zo snel weer. Geen moment rust. De wind geselt me alsof hij me van het wateroppervlak wil trekken. Upwind varen is soms een echte uitdaging. De rondvliegende spray maakt ademen lastig, en bij een watertemperatuur van 6 graden liggen krampen op de loer – beter niet in het water vallen dus.
Eenmaal op het water giert de wind om mijn oren; de straps van mijn helm kletteren met veel herrie tegen mijn oren. Elke sprong is een uitdaging. Niet alleen in de lucht, maar zeker ook bij de landing, vanwege het turbulente water.
In de krachtigste vlagen voelt het alsof de wind de controle overneemt. Net wanneer ik denk dat ik hem onder controle heb wordt – BAM! – de wing uit m’n handen gerukt. Maar dat is precies wat de Föhnstorm zo bijzonder maakt: die onvoorspelbare, rauwe kracht van de natuur.

Darth Vader
Het bizarste gevoel van de dag is gek genoeg geen huizenhoge jump of lompe crash. Het is het gevoel dat ik heb als ik in een windvlaag van 70 knopen terecht kom. Een soort gevecht dat er niet alleen heel gek uitziet, maar me ook letterlijk de adem wegneemt! De wind giert zo hard om mijn oren dat het de lucht die ik wil inademen wegduwt. Ik klink als Darth Vader, terwijl ik met een grimas op mijn gezicht een kleine grinnik niet kan onderdrukken.
Gesloopt maar gelukkig
Ik vaar sessies van ongeveer 20 minuten en ga dan even aan land om op adem te komen en nieuwe energie te tanken. Drie uur later is de tank leeg. Mijn hoofd bonkt, alles doet pijn, en door de harde landingen na een paar hoge rotaties heb ik vast wat kneuzingen op m’n rug en kont opgelopen. Maar precies dát is waar ik naar op zoek was – die pure, rauwe energie die alleen een Föhnstorm kan bieden.

Tips voor Föhnstormchasers
- De wind waait het hardst bij het opstappunt in Isleten. Daar is het meer op z’n smalst en wordt de Föhn extra versneld.
- Liever iets minder wind? Je kunt ook in Bolzbach het water op – daar zijn de windpieken een stuk minder extreem.
- Superbelangrijk: ga bij Föhnstorm nooit alleen het water op! Als er in Isleten iets met je materiaal gebeurt, is de kans groot dat je pas weer in Sisikon of – in het slechtste geval – pas aan de overkant in Morschach aan land komt. Dat duurt al snel een halfuur, als het niet langer is.
- Ook al brengt de Föhn zelfs in de winter aangenaam warme lucht met zich mee, de bergbeken zorgen ervoor dat het water het hele jaar door ijskoud blijft. Afkoelen gaat dus heel snel!
Wil je meer van dit soort artikelen lezen en altijd up-to-date blijven? Abonneer je dan op WINGFOIL magazine! Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws rondom wingfoilen? Volg ons op Instagram en Facebook. Ontdek hier meer interessante blogs vol inspiratie en tips! Of koop hier je losse editie!