ROADTRIPPEN IN ROTHWALD
Sommige trips beginnen met een plan, anderen met een gerucht. ‘Er komt iets groots aan in Wallis,’ hoorde ik in Laax. Twee vrienden, Adrian Oesch en Gregor Betschon, trokken al weken rond met Emma, hun oude camper, op zoek naar verse poeder op plekken waar de weergoden royaal waren geweest. ‘Ik pak m’n board, spring op de trein naar Zürich en heb geen idee wat er gaat komen.’
Woord & Beeld: Lenn Verjans
Adi wacht me op bij Hardbrücke met een grijns die alles zegt. ‘Het gaat gebeuren.’ We lopen naar zijn plek — een huis vol karakter in een buurt die langzaam wordt opgeslokt door glazen torens. Daar belt Gregor, eigenaar van camperbus Emma, om te zeggen dat hij het huis niet kan vinden. Niet de eerste keer. Een camper door Zürich manoeuvreren is nou eenmaal een avontuur op zich.
Voordat ik uit Laax vertrok, vertelde Blume (Crap Show Filmer) me dat Adrian de nieuwe Nicolas Müller is. Ik denk eerlijk gezegd niet dat er ooit een tweede Nicolas Müller zal zijn, maar wel weet ik dat Adi een beest is en een geweldige method heeft. Hij maakt ook een killer citroen-gemberthee, ontdek ik terwijl we wachten in dit laatste bolwerk te midden van een enorm gegentrificeerd gebied tussen de technocratische wolkenkrabbers van Zürich. Ik had Gregor nog niet eerder ontmoet, maar het duurt niet lang voordat we het goed kunnen vinden. Vooral met de dump in het vooruitzicht zijn de stoke-levels hoog. We laden Emma vol en rijden weg. De regen spat op de voorruit, de stad verdwijnt in het donker. Avontuur aan.

De weg naar wit
Een tankstop later weigert Emma te starten. Klassieker. We duwen haar op gang en rollen richting Andermatt. Via Realp rijden we de autotrein op. Twintig minuten door de tunnel, motor uit, stilte. Als we aan de overkant aankomen draait Gregor de sleutel om — en yes, ze start weer. ‘Ze moest gewoon even afkoelen,’ zegt hij met een grijns.
De sneeuwmuren langs de weg worden hoger en hoger. In Obergoms ligt het metersdik, maar naarmate Brig dichterbij komt, verdwijnt het wit. We beginnen te klimmen naar onze ‘geheime’ plek en na tien minuten dwarrelen er vlokken op de voorruit. ‘Nog honderd meter,’ zegt Adi, ‘dan is het wit.’ Hij heeft gelijk. Bij de parking dumpt het als een malle. We scheppen een vlak plekje voor Emma, zetten haar op rust en drinken thee terwijl buiten de wereld verdwijnt onder een laag wit.
Half metertje hemel
De volgende ochtend worden we wakker in stilte. Buiten: meer dan een halve meter vers. Gregor roert in de muesli — havermout, vijgenyoghurt, cashews, bloedsinaasappel, dadels, peer, aroniabessen, banaan. Plus een eitje, boter en verse koffie. Het soort ontbijt dat je lichaam én ziel wakker maakt.
Beneden bij de sleeplift is het druk. Je kunt dagkaarten kopen of ritten van 6 frank. Zeer on-Zwitserse prijzen. Hier draagt iedereen rugzakken met lawinegear en GoreTex. De rij is lang, maar gelukkig is de vibe tussen al deze enorme boards en brede ski’s heel goed. We proberen te hiken, maar zakken tot onze heupen in de sneeuw en keren lachend terug naar de lift. Vandaag niet. De T-bar trekt ons omhoog door een Lariksbos waar de sneeuw in dikke vlokken blijft vallen. We raken van het pad, ik laat los, zak weg, lach en rijd vervolgens solo terug naar beneden door maagdelijke sneeuw. Faceshot na faceshot, iedereen in de lift juicht. Dit is poeder-nirvana.

Methods & Mispoes
Boven drinken we koffie in het kleine hutje op 2220 meter. Het zicht is nul, maar de stoke is maximaal. We droppen in, vinden een couloir vol pillows, en Adi tweaket z’n eerste method van deze trip. Gregor filmt, totdat een kleine sluff zijn handschoenen en tas begraaft. We graven ze lachend weer uit. Alles is nat, de lenzen beslaan, maar niemand klaagt. De jongens kopen nog een ticket van 6 frank en callen de laatste run, wat voor mij het teken is om te stoppen. Gregor geeft me de sleutels en ik ga naar Emma. Wat een schoonheid is ze, helemaal ingesneeuwd op de parkeerplaats. Ik lees wat Alexandra David-Néel (Belgisch ontdekkingsreiziger en boeddhist) en stook de kachel op.
Als de boys er ook weer zijn spelen we Yahtzee in thermokleding en eten ‘Gschwelte’ gekookte aardappels met kaas. Er wordt gepraat over politiek, identiteit en over hoe raar het is dat vrijheid tegenwoordig zeldzaam voelt. Buiten valt nog steeds sneeuw. Binnen is het gezellig en warm.
Thermen Blues
Klop, klop. Big smile Severin van der Meer klopt op de deur van Emma. Hij is hyped ons hier te zien en gaat zelf met een twaalfkoppige Absinthe-crew op pad. Die zijn volgens mij wat groots van plan. Ondanks het slechte zicht tweaket Gregor een hele sicke tailgrab over een pillow en rijdt de takken van een Lariksboom. Adi zweeft over mij heen met een method die inderdaad niet onder doet voor die van Mister Müller. We hiken in de diepe poeder en stacken meerdere clips. Kortom: een topdag!
Na twee dagen poedersessies besluiten we onze spieren wat rust te gunnen. Richting Brig — naar de thermen. Geen douche in Emma (de sanitaire ruimte dient vooral als opslag), dus dat eerste contact met heet water is pure zaligheid. Stoomcabines, kruidenbaden, warmte tot op het bot.
Zodra we terugkomen zakt de vibe: Gregor is zijn SD-kaart kwijt. Al het beeld van de dag… weg. Paniek, terug naar Brig, zaklampen, modder, niks. We klimmen voor de tweede keer die nacht de haarspeldbochten op en in mineur beginnen we curry te koken. Ondertussen trekken we een biertje open en lachen om het noodlot. ‘Het hoort erbij,’ zegt Adi. En hij heeft gelijk.
Bluebird Karma
De dag erop lijkt alles tegen te zitten: sneeuwstorm, nul zicht, Ethan Deiss bij de base zonder pieper — not done bij lawinegevaar 4/5. Maar dan, ineens: de wolken breken open. De eerste zonnestralen raken de berg, het poederlandschap licht op, evenals de gezichten. Terwijl iedereen zich klaarmaakt om de berg op te gaan, waarschuwt David Vladyka ons om voorzichtig te zijn. ‘Doen we, baas!’ Gregor duikt in z’n eerste bocht van de dag, Adi snorkelt door de fluff als een zeehond in poeder. Daarna bouwen we een kicker. Adi gooit een front 5 met stijl, Gregor een back 1 tail. Alles klopt. Na een mooie sessie zijn de benen van de boys cooked.
Ik klim nog even omhoog, spot Max Buri die me een versnapering aanbiedt en aanschouw het monster die de Absinthe-crew gebouwd heeft. Silvano Zeiter dropt met de guys voor follow-foto’s, klapt op een steen en frontflipt met z’n K2 Cool Bean. Pfiew, gelukkig… niks aan het handje. Behalve z’n board die gespleten is als een scheenbeen op een sketchy downtown ledge. Iedereen ligt natuurlijk in een scheur en bij poging twee schreeuwt Severin ineens: ‘Pas op, de hele zone glijdt!’ Gelukkig stopt de plaat meteen. Niemand gewond. Ik drop als laatste en blijf veilig op de ridge.

De laatste test
Na drie dagen poeder, thee en filosofische gesprekken is het tijd. Ik moet terug naar mijn plant-ecology projecten, Adi naar z’n studie. Voordat ons avontuur ten einde rijdt mag ik achter het stuur van Emma plaatsnemen. Ik trap op het gas, zet haar in versnelling en, wauw, wat een beauty of a machine is ze. Het blijkt niet zo eenvoudig momentum in de haarspeldbochten te behouden, maar het zwaarste stuk naar de autotrein in Obergoms zit erop. Vanaf hier is het lekker bergaf. Terug bij Resistance in Zürich weigert ze nog een keer te starten maar Adi en ik geven alles zodat ze weer op gang komt. Met een diep geronkel pruttelt ze temidden van Kreis 5 en Gregor wuift met z’n hand uit het raam dat het goed is. Bon voyage amigo! Adi en ik proosten op een paar fantastische dagen met een fijne Grappa uit Ticino terwijl buiten nog wat sneeuw in het stadslicht glinstert.
Wil je op de hoogte blijven van leuke nieuwtjes? Volg ons dan op Instagram en Facebook. Benieuwd naar vette blogberichten uit het SOUL Magazine? Klik hier!